woensdag 16 januari 2013

VN-fondsen niet door Suriname benut om kwikgebruik in goudwinning aan te pakken

GEF heeft indammen kwikgebruik wereldwijd als een van haar speerpunten

Achtereenvolgende Surinaamse regeringen laks in bestrijding kwik

16-01-2013  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Deze dagen is er wereldwijd in media veel aandacht voor een internationale bijeenkomst van het Milieu Programma van de Verenigde Naties (UNEP, United Nations Environmental Programme) - deze week in het Zwitserse Genève - met als doel in de loop van dit jaar te komen tot een internationaal ‘Kwikverdrag’ waarin landen zich vastleggen om kwikvervuiling wereldwijd en het gebruik van kwik terug te dringen.

Vertegenwoordigers van zo’n 130 landen komen bijeen. Onduidelijk is of Suriname een vertegenwoordiging heeft afgevaardigd (zie voetnoot). Suriname kampt al decennia met aanzienlijke kwikproblemen in vooral het binnenland, waar kleinschalige goudzoekers door het gebruik van kwik in het goudwinningsproces kreken en rivieren vervuilen en de gezondheid van lokale bewoners (inheemsen en marrons) in gevaar brengen.
Het uiteindelijk kwikverdrag zal de naam Minamata Convention gaan krijgen, genoemd naar de Japanse stad waarvan bewoners tientallen jaren zijn blootgesteld aan kwikverontreiniging van de zee.

Ontwikkelingslanden spannen zich op allerlei manieren in om het gebruik van kwikgebruik drastisch te verminderen of zelfs compleet uit te bannen.

Suriname laks in aanpak kwikgebruik
Tot vandaag de dag is gebleken dat achtereenvolgende Surinaamse regeringen echter nauwelijks tot geen actie hebben ondernomen om het gebruik van kwik tegen te gaan. Projecten hiertoe zijn er nauwelijks (geweest). Op kleine schaal heeft het Wereld Natuurfonds Guianas getracht kleinschalige goudzoekers te bewegen over te stappen van het gebruik van kwik naar groene, milieuvriendelijke winningsmethoden. Een enkel klein goudwinningsbedrijf heeft zelf de aanzet gegeven om milieuvriendelijk goud te winnen, zoals Sarafina NV dat gebruik is gaan maken van zogenoemde ‘shaking tables’.
Gesteld kan worden, dat Surinaamse regeringen en non-gouvernementele organisaties laks zijn geweest om het kwikgebruik aan te pakken. Niemand heeft ooit met goed doorwrochten plannen of projecten hiertoe enige aanzet willen geven, terwijl iedereen heel goed wist en weet dat wateren in het binnenland sterk vervuild zijn door kwik en dat inheemsen en marrons in bepaalde dorpen met gezondheidsproblemen kampen.

Geen gebruik van VN-GEF en -SGP
Voor specieke opgezette projecten om het kwikgebruik uit te bannen kunnen landen en organisaties voor de financiering ervan een beroep doen op de zogenoemde Global Environment Facility (GEF) of op het Small Grants Programme (SGP), dat weer gefinancierd wordt door het GEF. Het GEF valt onder het VN Ontwikkelings Programma (UNDP, United Nations Development Programme).  Het UNDP zetelt voornamelijk in New York City en voorziet ontwikkelingslanden - met de name de minst ontwikkelde landen - van advies, training en materiaal om armoede te bestrijden en ontwikkeling te stimuleren. UNDP voert daarbij zelf geen projecten uit maar organiseert en financiert deze, waarbij de uitvoering aan andere VN organisaties wordt uitbesteed.

Het in Washington, Amerika, gevestigde, GEF werd opgericht in 1992, na de VN-Top van de Aarde (Earth Summit) in juni van dat jaar in het Braziliaanse Rio de Janeiro. Die conferentie leverde een aantal belangrijke milieuconventies op die de ondertekenende landen dwingen hun economie op bepaalde punten ingrijpend aan te passen. Een speciaal fonds werd nodig geacht om de ontwikkelingslanden daarbij te helpen. Het fonds wordt beheerd door UNEP, UNDP en de Wereldbank. Een paar miljard Amerikaanse dollar is al in dat fonds gepompt voor milieuprojecten. Het fonds concentreert zich daarbij op initiatieven op de terreinen biodiversiteit, klimaatverandering, internationale wateren en stoffen die de ozonlaag aantasten. Het fonds heeft een partnerschap met 182 landen en organisaties en is het grootste publieke fonds te wereld ter verbetering van het milieu in die wereld.

Het SGP is een soort klein broertje van het GEF. Het programma werd voor het eerst in Suriname geïntroduceerd in 1997. Het eerste door een non-gouvernementele organisatie ingediende project werd twee jaren later ter goedkeuring ingediend. Het SGP financiert projecten tot een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar per projectaanvraag.

Inmiddels heeft ‘Suriname’ volgens het SGP zo’n achtentachtig projecteningediend voor een totaalbedrag van  2.089.595 Amerikaanse dollar, waarvan slechts drie betrekking hadden op kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning in het Surinaamse binnenland. Eén van die drie was een door de stichting Godo-holo in 2001 aangevraagd project. 

De stichting ontving 2.000 Amerikaanse dollars voor het aantrekken van een deskundige om onderzoek te doen naar mogelijkheden om kleinschalige goudzoekers in het Tapanahonigebied (zuidoosten van het land), in de omgeving van de Toso- en Selakreek, over te laten stappen van het gebruik van kwik in het goudwinningsproces naar een milieuvriendelijke winningsmethode.
De tweede aanvraag dateert ook uit 2001 van de vrouwenorganisatie Pikin Saron voor een project inzake een onderzoek naar mogelijke kwikvervuiling. Ook hier ging het om een bedrag van 2.000 Amerikaanse dollar. Het derde betreft een milieu bewustwordingsproject uit 2006/2007 voor Marron kleinschalige goudzoekers in het Tapanahoniriviergebied. Doel was om de voor het milieu vernietigende werkwijze van de goudzoekers om te buigen naar een constructieve werkwijze en ook om ze bekend te maken met milieuvriendelijke winningsmethoden. De stichting Nehezra ontving hiertoe een bedrag van 21.236 Amerikaanse dollar.

De aanvragen worden vandaag bevestigd door Tanja Lieuw, National Coordinator van het SGP Suriname. Verder laat ze in een reactie weten: ‘Wij hebben na 2007 geen nieuwe projectvoorstellen ontvangen van non-gouvernementele organisaties die het probleem met kwik willen aanpakken, ons fonds gaat er namelijk wel vanuit dat de organisaties bij ons aankloppen met hun ideeen, die dan samen met ons worden uitgewerkt to projectvoorstellen.’

Bij de  grotere broer, het GEF, blijkt Suriname de afgelopen jaren nauwelijks projecten ter financiering te hebben ingediend. Uit de website van het GEF blijkt dat Suriname voor zeven ingediende nationaleprojecten gelden heeft ontvangen voor een totaalbedrag van 15.655.356 Amerikaanse dollar. 
 
 

Het eerste project dateert uit 1997 en het laatste werd in november 2011 goedgekeurd.  Twee projecten springen eruit vanwege de aanzienlijke bedragen die door het fonds beschikbaar werden gesteld.
In 2001 keurde het GEF een projectvoorstel (nummer 661) goed dat als doel had de ecosystemen en de biodiversiteit in het Guyana Schild en dan met name in het Centraal Suriname Natuurreservaat (CSNR) en in het Sipaliwini Natuurreservaat (SNR) beter te beschermen. Het GEF stelde 9.590.000 Amerikaanse dollar beschikbaar voor het in totaal op 18.390.000 Amerikaanse dollar begrote project.
Het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen ontving in november 2012 een bedrag van 4.400.000 Amerikaanse dollar voor een project  (GEF-nummer 4497) ter ontwikkeling van duurzame energie, energie efficiency en elektrificatie van geheel Suriname, dus ook het binnenland. Het totale project is begroot op 25.900.000 Amerikaanse dollar.

Om een bevestiging te krijgen inzake de projectvoorstellen bij het GEF is de directeur Milieu van het ministerie van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu, Henna Uiterloo, benaderd.  Uiterloo is het zogenoemde ‘GEF Focal Point’ voor Suriname. Een reactie bleef echter uit.

Geen enkel projectvoorstel ingediend bij het GEF had betrekking op kwikgebruik en/of de kleinschalige goudwinning. Opmerkelijk, omdat het GEF zich onder andere specifiek richt opkwikproblematiek wereldwijd. Zo ondersteunt het fonds projectvoorstellen op het terrein van het terugdringen van kwikgebruik in producten, in industriële processen, het terugdringen van de uitstoot van kwikdampen en het verminderen van kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning.  Voor wat betreft het laatste doel heeft het GEF projecten goedgekeurd in onder andere Ecuador en Peru en Burkina Faso, Mali en Senegal.

Gemiste kans
Dat in Suriname geen projecten worden ontwikkeld en ter financiering worden voorgelegd aan de VN-fondsen met als doel het vervangen van kwik in de kleinschalige goudwinning door milieuvriendelijke winningsmethoden is een gemiste kans. Vooral nu het GEF juist het terugdringen van kwikgebruik in de wereld als een van haar belangrijke aandachtspunten hanteert.

Waar blijft (investerings)fonds....
De Commissie Ordening Goudsector heeft medio 2012 geopperd een fonds te willen instellen waarop goudzoekers een beroep kunnen doen om de aanschaf van milieuvriendelijke winningsmethoden te financieren, waardoor ze kunnen stoppen met het gebruik van het schadelijke kwik. En in het Ontwikkelingsplan 2012 – 2016 - SURINAME IN TRANSFORMATIE’ van de regering Bouterse-Ameerali daterend van februari 2012, is onder ‘III.5.1. Goud en Ordening Goudsector, onder andere te lezen:
‘(...) De Regering zal een korte termijn een staatsbesluit slaan, betreffende de instelling van een investeringsfonds, ten behoeve van de ontwikkeling van de goudsector. Dit fonds zal het financieren van activiteiten in de sector die ondersteunend zijn naar de complete ordening en de duurzame ontwikkeling van de sector ter hand nemen. Kleine en middelgrote ondernemers alsook de overheid en Niet Gouvernementele Organisaties, NGO’s, zullen in aanmerking kunnen komen voor financiering van initiatieven en activiteiten, gericht op het opheffen van de chaotische, illegale en onveilige situatie in de goudrijke gebieden.’

Slechts een aanzet, terwijl kwikgebruik welig tiert
Een eerste aanzet, maar dat is het anno januari 2013 nog steeds, een aanzet. Van enig (investerings)fonds is nog geen sprake en het binnenland wordt dagelijks nog steeds ernstig vervuild door kwik en ook de gezondheid van lokale bewoners is nog steeds in het geding.

Noot:
Sheila Logan van het ‘Mercury negotiations team’, UNEP Chemicals Branch/DTIE, liet mij op maandag 21 januari 2013 via email in een reactie weten, dat Suriname bij de laatste onderhandelingsronde, INC5, in Genève, niet was vertegenwoordigd.  Bij de voorlaatste UNEP-conferentie, INC4 in Uruguay, werd Suriname nog vertegenwoordigd door Vanessa Sabajo, beleidsmedewerkster Milieu bij het ministerie van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu, Onduidelijk is waarom zij niet aanwezig was in Zwitserland. 


In een korte reactie laat zij, Sabajo, op 22 januari weten om contact hierover op te nemen met ‘de leiding van milieu, die de voordrachten doet om te participeren’. Maar, die leiding reageert niet.


Geen opmerkingen: