zaterdag 5 november 2016

Suriname enig Latijns Amerikaans land dat walvisjacht door Japan jarenlang consequent steunt binnen de IWC

Tijdens 66e jaarvergadering IWC in Slovenië stemt Suriname tegen instelling walvisreservaat zuidelijke Atlantische Oceaan

Jarenlang zou Japan binnen IWC steun van Suriname hebben gekregen in ruil voor Japans geld – Volgens minister Algoe consumeren walvissen 'tot zeven maal de hoeveelheid vis die wordt gevangen'

Suriname heeft Greenpeace buiten de deur gehouden

05-11-2016  De Surinaamse Krant


Suriname heeft vorige week in Slovenië tijdens de 66e jaarlijkse vergadering van de Internationale Walviscommissie (IWC) weer eens laten zien, dat zij nog steeds achter de walvisjacht staat en dus de meest beruchte walvisjager Japan ondersteunt, door dik en dun. Alle andere Latijns Amerikaanse lidlanden van de IWC (Brazilië, Argentinië, Chili, Nicaragua, Panama en Belize) zijn uitgesproken tegenstanders van de jacht op walvissen. Tijdens de jaarvergadering stemde Suriname, met 23 andere landen (de IWC telt 88 leden), waaronder de walvisjachtlanden IJsland, Noorwegen en Japan, tegen de instelling van een walvisreservaat in de zuidelijke Atlantische Oceaan. Dit is een voorstel van een aantal Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse landen, om onder andere het zogenoemde 'whalewatching' voor toeristen mogelijk te maken.

Minister Algoe woont 66e vergadering IWC in Slovenië bij....
Suriname werd van 20 tot en met 28 oktober in Slovenië vertegenwoordigd door de in juli benoemde Randjitsingh Ramkisor, maar ook minister Soeresh Algoe van Landbouw, Veeteelt en Visserij was aanwezig. Echter, iedereen met een dosis gezond verstand zal zich afvragen waarom Algoe naar Slovenië was afgereisd, immers Suriname heeft werkelijk niets van doen met walvissen, laat staan met de walvisjacht. Het is dan ook absoluut geen issue op de beleidsagenda van de bewindsman.


Vraagtekens van GHFS bij achtergrond Surinaamse vertegenwoordiger binnen IWC
Bij de benoeming van Ramkisor als Surinaamse walviscommissaris binnen de IWC zijn echter, aldus het Green Heritage Fund Suriname (GHFS), vraagtekens te plaatsen. De man is geen overheidsfunctionaris. Geen enkel ander land in de IWC heeft ooit een walviscommissaris benoemd afkomstig uit de private sector. Daarnaast heeft Ramkisor tijdens een vergadering in 2010 in Orlando, Florida (VS), een vergadering van de Spray Polyurethane Foam Alliance bijgewoond als vertegenwoordiger van Taiyo A&F Co. Ltd., een bedrijf dat historische banden heeft met de Japanse walvisvaarders, aldus het GHFS in een op 18 oktober 2016 uitgebracht persbericht.

Vergezocht argument Algoe voor 'no-vote' walvisreservaat in zuidelijke Atlantische Oceaan
Waarom zou Suriname tegen een walvisreservaat hebben gestemd? Wat voor belang heeft de Surinaamse regering daarbij? De enige reden kan niets anders zijn dan: Japan. Maar, dat is woensdag 2 november ontkend door minister Algoe in gesprek met Starnieuws. Hij beweert, dat de nee-stem van Suriname niets te maken heeft met steun aan Japan in rul voor valuta.
'We zijn voorstander van duurzame maritiem management. Walvissen consumeren tot zeven maal de hoeveelheid vis die wordt gevangen.' Het is volgens de bewindsman zaak dat de Caribische staten hun visserij-industrie gaan beschermen. Dat is een jarenlang repeterend argument van de Surinaamse regering.

'Bij de walviscommissie draait het om business. Die landen willen hun rundvlees en visvoer exporteren. Ze willen hun eiwitten exporteren en de aquacultuur ontwikkelen. Pure business. Terwijl de andere landen hun rundvee-industrie ontwikkelen, wordt de visserijsector elders kapot gemaakt. Geen enkel land gaat een andere helpen met de ontwikkeling. De wereld draait om zakendoen.'

De argumentering van Algoe lijkt vergezocht en een poging om de werkelijke positie en rol van Suriname in de International Whaling Commission te verhullen.
Feit is namelijk, dat al sinds het begin van deze eeuw het lidmaatschap van Suriname van de IWC en de onvoorwaardelijke steun aan Japan op z'n minst feiten oproept. Tijdens de laatste IWC-vergadering heeft Suriname bij alle agendapunten waar gestemd moest worden Japan gevolgd met een nee-stem.

Suriname werd in 2004 lid van de IWC. Jaarlijks houdt de commissie een internationale vergadering.
Het stemgedrag van de Surinaamse vertegenwoordiger heeft de afgelopen jaren de aandacht getrokken in negatieve zin. Oud-vertegenwoordiger van Suriname Jaswant Sahtoe bleek ieder jaar exact hetzelfde stemgedrag te hebben als Japan. Japan wilde dat het verbod op de commerciële walvisvangst wordt opgeheven. Suriname stond hierin achter Japan. Maar waarom?
Geruchten zoemden rond.

Japan heeft veel kleine landen benaderd voor IWC-lidmaatschap
Opvallend is het aantal kleine lidstaten sinds 2000 in de IWC. In 1999 verklaarde Japan dat het zou gaan werken aan een toename van zijn aantal vrienden in de IWC. Dat is gelukt, gelet op het lidmaatschap sinds 2000 van Nicaragua, Ivoorkust, Mongolië, Tuvalu, Mali, Kiribati, Gambia, Nauru, Kameroen, Togo, Cambodja, Mauritanië, Marokko, Gabon, Benin, Palau, de Marshall Islands en Suriname.

Japan bleef echter hardnekkig ontkennen dat zij stemmen kocht om daarmee te streven naar opheffing van het verbod op commerciële walvisvangst.
Maar, algemeen werd en wordt aangenomen dat Japan alle kosten vergoed voor het IWC-lidmaatschap van nieuwe leden en de kosten die de nieuwe lidstaten moeten maken om deel te kunnen nemen aan de jaarlijkse vergaderingen van de commissie. Het is verder bekend dat het Japanse Visserij Agentschap bepaalde landen financieel ondersteund. Zo werd in februari 2007 bekend dat Japan aan Suriname een bedrag van 7 miljoen Amerikaanse dollar schonk voor de bouw van een tweede visserijcentrum in Bethesda, in het district Commewijne.
Het Visserij Centrum Commewijne (VCC) werd begin 2010 gerenoveerd. De oever werd aangepakt, er werden bouwkundige werkzaamheden uitgevoerd en de steiger werd hersteld. Het gerehabiliteerde visserijcentrum werd 22 april 2010 opgeleverd. Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij, liet in een persbericht weten, dat het kostenplaatje Euro 560.000 was. De Japanse overheid stelde Euro 60.000 beschikbaar, waarmee de steiger werd aangepakt.

Toch is de afgelopen jaren door Japan diverse malen erkend, dat zij aan bepaalde landen steun biedt vanwege belangen in de IWC.



In juli 2001 erkende Maseyuku Komatsu van het Japanse Visserij Agentschap tegenover ABC TV in Australië, dat Japan landen hulp biedt en dat die hulp een ‘belangrijk stuk gereedschap is’ om steun te verkrijgen voor het hervatten van de commerciële walvisjacht. ‘Japan has to use tools op diplomatic communications and promises of overseas development aid to infuence members of the International Whaling Commission’, aldus Komatsu in de Britse krant The Guardian op 19 juli 2001.

Diverse Caribische landen erkennen steun van Japan te ontvangen in ruil voor stem in IWC
In dat zelfde jaar verklaarde de toenmalige minister-president van Antigua en Barbuda, Lester Bird, in een interview met het Caribbean News Agency, dat zolang de walvis nog geen bedreigde diersoort is er geen enkele reden is om Japan in de IWC niet te steunen en dan ook nog eens daarvoor enige hulp te ontvangen. ‘I am not going to be a hypocrite; that is part of why we do so’, aldus Bird.

In april 2002 werd duidelijk dat Japan geld had geschonken aan de regering van Grenada voor de International Whaling Commission. Het voormalige lid van de IWC voor Grenada, Michael Baptiste, verklaarde met dat geld betaald te zijn.
Op 18 juli 2005 deed ook de toenmalige IWC-vertegenwoordiger voor de Solomon Islands, Albert Wata, een uitlating over Japanse steun in ruil voor een stem. Wata verklaarde op ABC TV (Australië): ‘The Japanese pay the government’s subscriptions. They support the delegations to the meetings in terms of meeting airfaires and per diem.’

Atherton Martin nam in juli 2005 ontslag als minister van Visserij op Dominica, omdat zijn land in de IWC tegen een voorstel had gestemd voor een beschermd walvisgebied. Het Kabinet was daar echter voorstander van. Later bleek dat er onduidelijkheden waren rond de financiering van deelname aan de IWC door de Dominica-vertegenwoordiger. Volgens Martin kon niemand in de regering aangeven hoe de deelname aan de IWC werd bekostigd. ‘I don’t think the international legal community has come up with a term yet to describe this blatant, purchasing of small country governments by Japan.’

Greenpeace Argentinië trekt begin 2005 in Suriname aan de bel
Greenpeace Argentinië vroeg zich begin 2005 al af hoe Suriname deelname aan de IWC bekostigde. Een lidstaat betaalt voor haar lidmaatschap jaarlijks 13.000 Amerikaanse dollar. Naast het lidmaatschapsgeld is een land ook jaarlijks kosten kwijt aan de reis naar de jaarlijkse vergadering en aan hotelkosten. Uit onderzoek blijkt, dat enkele IWC-lidstaten die kosten krijgen vergoed van het Japanse Visserij Agentschap. In het voorjaar van 2005 trok de Argentijnse afdeling van Greenpeace aan de bel, in aanloop naar de 57e vergadering van de IWC in Zuid-Korea. Via een ingezonden brief in het Surinaamse dagblad de Ware Tijd toonde Milko Schvartzmann van Greenpeace Argentinië zijn bezorgdheid over het standpunt van Suriname inzake de commerciële walvisvangst. ‘Wij merken op dat het Surinaamse stemgedrag bij de IWC precies hetzelfde geweest is als dat van Japan. Regeringsleden van sommige Caribische en Centraal-Amerikaanse landen hebben wel erkend dat hun stem beïnvloed was door de financiële hulp die Japan hen gaf. Daardoor staat Suriname bekend als één van de ‘gekochte stem-landen', aldus Schvartzmann op 19 februari 2005 in de Ware Tijd. Het stemgedrag van Suriname is des te opmerkelijk, omdat het met een stem tegen het beschermen van walvissen ook stemt tegen een duurzame en milieuvriendelijke manier van leven voor vele leefgemeenschappen aan de kusten van Latijns Amerika. Juist activiteiten als ‘whale watching’ levert vele kustdorpen de broodnodige inkomsten op.

De zware kritiek en beschuldigingen van Greenpeace kwamen hard aan bij de Surinaamse vertegenwoordiger in de IWC, de heer Sahtoe. Hij verwierp de omkoping verdachtmakingen. Zijn stemgedrag was gebaseerd op het beleid van zijn ministerie van LVV: het stimuleren van duurzame visserij en duurzame benutting van maritieme hulpbronnen, zoals vandaag de dag dus weer wordt herhaald en beweerd door minister Algoe. Het heeft veel weg van een ingestudeerd argument.
Suriname is dan ook alleen voor een verbod op walvissen die daadwerkelijk met uitsterven worden bedreigd, zoals de blauwe vinvis. Voor andere soorten zou, volgens Sahtoe, de vangst in banen moeten worden geleid. Hij kon het echter ook niet laten om in publicaties te wijzen naar landen als Australië, Amerika en Nederland die nu tegenstanders zijn van de walvisvangst, maar in het verleden aan de basis hebben gestaan van de bijna uitroeiing van enkele walvissoorten.

In de eerste week van maart 2008 hadden Surinaamse autoriteiten overigens geen behoefte om te praten over haar steun aan de internationale walvisvangst en hield de deur stevig dicht voor Greenpeace. Een delegatie van deze internationale milieuorganisatie was van plan om van 2 tot en met 7 maart een bezoek te brengen aan Paramaribo om onder meer druk uit te oefenen om de steun aan met name Japan in te trekken. Greenpeace beschuldigt Suriname er van te zijn omgekocht door het Aziatische land. De regering heeft deze beschuldigingen echter altijd van de hand gewezen. 'Suriname is het enige Zuid-Amerikaans land dat de Japanse walvisvangst steunt. Waarom die steun is een grote vraag, omdat het land zelf geen walvisvangst beoefent', zei Milko Schvartzman, oceaanspecialist van Greenpeace Argentinië. 'Al weken zoeken we contact met de Surinaamse autoriteiten, maar we stuiten steeds op niets. We gaan echter opnieuw lobbyen om ontvangen te worden.'

De 'Buenos Aires Groep' zonder Suriname.... 
In december 2006 kwamen zelfs de IWC-landen Argentinië, Brazilië, Mexico, Peru, Chili en Panama bijeen in Buenos Aires om onder andere te praten over ‘whale watching’.
Bij deze bijeenkomst waren ook regeringsvertegenwoordigers aanwezig van Ecuador, Guatemala en de Dominicaanse Republiek en diplomaten van de ambassades van Colombia, Uruguay en Venezuela. ‘Whale watching’ toerisme is een belangrijke bron van inkomsten geworden. Deze vorm van toerisme moet volgens de ‘Buenos Aires Groep’ worden gestimuleerd. Verder blijven zij fel gekant tegen de hervatting van commerciële walvisvangst en pleiten zij voor beschermde gebieden voor walvissen in de zuidelijke Atlantische Oceaan en het zuidelijke deel van de Stille/Grote Oceaan. 



Opvallend is dat bij deze 'Buenos Aires Groep' Suriname ontbreekt….. Neen, Suriname is een buitenbeetje, Suriname heeft geen problemen met de bloedige walvisjacht van landen als Japan. Japan, dat blijft volhouden ieder jaar walvissen te moeten harpoeneren vanwege wetenschappelijk onderzoek, terwijl iedereen weet dat dat niet het geval is. Japan houdt gewoon van een stukje mals walvisvlees en wordt daarin feitelijk ondersteund door een klein land in het noorden van Zuid-Amerika dat niets heeft met de walvis in algemene zin, Suriname.

(Red. De Surinaamse Krant, zaterdag 5 november 2016)

Geen opmerkingen: